Startpagina
mobiele versiecomputer versie
FollowRSSTwitter
De WMO-Raad | Verordening

Algemene Bepalingen


Artikel 1
In deze Verordening wordt verstaan onder:
  a. Wmo: de Wet maatschappelijke ondersteuning;
  b. Inwoner: de persoon die een beroep kan doen op – en/of belang heeft bij de Wmo;
  c. Wmo-raad gemeente Raalte: de raad die de belangen behartigt van inwoners van de gemeente Raalte bij de Wmo en die aan het college van B&W adviseert met betrekking tot de Wmo. De Wmo-raad is een adviesorgaan in het kader van burgerparticipatie zoals bedoeld in de Wmo, ingesteld door het college van B&W van Raalte, bestaande uit vertegenwoordigers van vragers naar maatschappelijke ondersteuning, zowel op persoonlijke titel als voorgedragen door belangen- en cliëntenorganisaties werkzaam in of voor inwoners van de gemeente Raalte op het gebied van de Wmo.
  d. Werkgebied: het grondgebied van de gemeente Raalte;
  e. Gemeenteraad: de raad van de gemeente Raalte;
  f.  Het college van B&W: Burgemeester en Wethouders van de gemeente Raalte.
  g. Cluster: het verband waarin de adviezen van de Wmo-raad worden voorbereid.


Taken en Bevoegdheden Wmo-raad


Artikel 2
1. De Wmo-raad heeft tot taak:
* Het gevraagd en ongevraagd verstrekken van adviezen aan het college van B&W over het te voeren beleid als bedoeld in artikel 1 lid 1 onder “i” van de Wmo (dit is exclusief individuele gevallen); vanuit het oogpunt van vragers naar maatschappelijke ondersteuning. Het college van B&W betrekt de Wmo-raad actief bij de voorbereiding van het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning, op de negen zogenoemde prestatievelden:
              a. Het bevorderen van de sociale samenhang in en leefbaarheid van dorpen, wijken en buurten.
              b. Op preventie gerichte ondersteuning van jeugdigen met problemen met opgroeien en van ouders met problemen met opvoeden.
              c. Het geven van informatie, advies en cliëntondersteuning.
              d. Het ondersteunen van mantelzorgers en vrijwilligers.
              e. Het bevorderen van deelname aan maatschappelijk verkeer en van het zelfstandig functioneren van mensen met een beperking of chronisch psychisch probleem en aan mensen met een psychosociaal probleem.
              f.   Het verlenen van voorzieningen aan mensen met een chronisch psychisch probleem en aan mensen met een psychosociaal probleem ten behoeve van behoud van hun zelfstandig functioneren of hun deelname aan het maatschappelijk verkeer.
              g. Het bieden van maatschappelijke opvang, waaronder vrouwenopvang.
              h. Het bevorderen van de openbare geestelijke gezondheidzorg, met uitzondering van het bieden van psychosociale hulp bij rampen.
              i.  Het bevorderen van verslavingsbeleid.
* Het actief verzamelen van zoveel mogelijk relevante informatie omtrent maatschappelijke ondersteuning en de vragers naar maatschappelijke ondersteuning om de genoemde adviesfunctie zo goed mogelijk uit te kunnen voeren.
* Signaleren en adviseren over knelpunten in het overleg en samenwerking tussen organisaties, instellingen, groeperingen en personen die in of door de gemeente te maken krijgen of willen krijgen met maatschappelijke ondersteuning.

  2. Door het college van B&W wordt een termijn van zes weken aangehouden voor het door de Wmo-raad uit te brengen advies, zodat het uit te brengen advies van wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit. Met instemming van de Wmo-raad kan worden afgeweken van deze termijn.

  3. Van de intentie tot het wel of niet overnemen door het college van B&W van een advies van de Wmo-raad, wordt de Wmo-raad binnen een termijn van 2 weken schriftelijk en met redenen omkleed op de hoogte gesteld.

  4. Het besluitvormende bestuursorgaan krijgt inzicht in de adviezen van de Wmo-raad.

  5. In het geval het college van B&W in een voorstel aan de Gemeenteraad, als bedoeld in artikel 3 van de Wmo, afwijkt van het advies van de Wmo-raad, wordt dit, met redenen omkleed, bij het voorstel vermeld.

  6. De Wmo-raad is niet bevoegd te adviseren over klachten, bezwaarschriften en andere zaken, voor zover die op individuele cliënten betrekking hebben. Evenmin heeft de Wmo- raad adviesrecht inzake het personeels- en organisatiebeleid van de gemeente. De Wmo-raad mag geen individuele cliënten bijstaan in rechtprocedures inzake de Wmo.


Samenstelling Wmo-raad



Artikel 3
  1. De Wmo-raad bestaat uit maximaal 14 leden plus een onafhankelijk voorzitter. De leden van de Wmo-raad worden voorgedragen door de clusters.

  2. De voorzitter en de penningmeester worden voorgedragen door de Wmo-raad en benoemd door het college van B&W.

  3. De voorzitter van de Wmo-raad:
         * fungeert als onafhankelijk en technisch voorzitter;
         * heeft affiniteit en enige bekendheid met het vakgebied;
         * beschikt over beleidsmatig en zakelijk inzicht;
         * heeft een adviserende stem in de Wmo-raad.

  4. Het lidmaatschap van de Wmo-raad is onverenigbaar met het lidmaatschap van de Gemeenteraad,
      Raadscommissie, het college van B&W, de (advies) commissie bezwaarschriften van de gemeente of een dienstverband bij de gemeente. Het lidmaatschap van de Wmo-raad is evenmin verenigbaar met een professionele of bestuurlijke functie bij een binnen gemeente Raalte opererende instelling of organisatie die actief is op één van de prestatievelden van de Wmo (Wmo-aanbieders).

  5. De Wmo-raad kan een lid van het college uitnodigen voor specifieke agendapunten in een vergadering van de Wmo-raad.

  6. De gemeente draagt (via de gemeentelijke coördinatoren) zorg voor deskundige contactpersonen, welke een toelichting kunnen geven op de te bespreken onderwerpen.

  7. De Wmo-raad kan desgewenst gebruik maken van de mogelijkheid om externe deskundigen te vragen om een toelichting.


Benoeming en zittingsduur leden Wmo-raad



Artikel 4
  1. De leden van de WMO-raad worden door het college van B&W benoemd.

  2. Nieuwe leden van de Wmo-raad worden door het college van B&W benoemd op voordracht van de Wmo-raad.

  3. Voor elk lid wordt op dezelfde wijze een stemgerechtigde plaatsvervanger benoemd.

  4. De zittingsduur van telkens de helft van de leden is, behoudens de eerste zittingsperiode en tussentijds
      aftreden, gelijk aan de zittingsduur van de Gemeenteraad. Herbenoeming is mogelijk voor maximaal 4 jaar.

  5. De helft van de leden van de Wmo-raad treedt telkens gelijktijdig af en zijn meteen herkiesbaar, doch blijven in functie totdat zij zijn herbenoemd, dan wel nieuwe leden zijn benoemd. De procedure om aan deze voorwaarde te voldoen is beschreven in het huishoudelijk reglement van de Wmo-raad.

  6. De benoeming vindt plaats uiterlijk drie maanden na installatie van de nieuwe Gemeenteraad.

  7. Eindigt de hoedanigheid waaraan een lid zijn benoeming ontleent, dan houdt hij binnen drie maanden op lid van de Wmo-raad te zijn.

  8. De benoeming ter voorziening in tussentijds opengevallen plaatsen geschiedt binnen drie maanden na het ontstaan van een vacature.

  9. Het college van B&W kan onder opgaaf van gemotiveerde redenen een lid van de Wmo- raad schorsen, casu quo zijn lidmaatschap intrekken op verzoek van de Wmo-raad, in relatie tot het functioneren van de persoon. Het betreffende lid wordt vooraf door het college van B&W gehoord.

  10. De Wmo-raad kiest uit zijn midden een plaatsvervangend voorzitter, die tezamen met de voorzitter en de professionele secretaris het (dagelijks) bestuur van de Wmo-raad vormen.


Vergaderingen, middelen en faciliteiten



Artikel 5
  1. De Wmo-raad vergadert minimaal twee keer per jaar of zoveel meer als waartoe hij besluit.

  2.  De Wmo-raad kan besluiten een besloten vergadering te houden.

  3. De vergaderingen van de Wmo-raad worden door de professionele secretaris publiekelijk bekend gemaakt in een periodiek verschijnende huis aan huis krant.

  4. De leden ontvangen voor het bijwonen van een bijeenkomst van de Wmo-raad een vaste, jaarlijks door het College van B&W vast te stellen onkostenvergoeding. Per jaar komen maximaal 10 vergaderingen voor vergoeding in aanmerking.

  5. Het College van B&W stelt na overleg met de Wmo-raad een jaarlijks budget beschikbaar (inclusief secretariële ondersteuning) ter voorziening in de kosten en ter uitvoering van de werkzaamheden van de Wmo-raad. De Wmo-raad dient hiertoe jaarlijks voor 1 juli een begroting in.

  6. De Wmo-raad levert jaarlijks voor één april van het nieuwe boekjaar een inhoudelijk en financieel jaarverslag aan het college van B&W over het voorafgaande jaar.


Besluitvorming



Artikel 6
  1. De Wmo-raad kan alleen officiële besluiten (ten aanzien van de advisering) nemen indien tenminste 2/3 van het aantal leden ter vergadering aanwezig is. De aanwezigheid blijkt uit de voor de aanvang van de vergadering getekende presentielijst.

  2. Alleen de leden van de Wmo-raad hebben stemrecht. Indien een lid zich laat vertegenwoordigen door zijn/haar plaatsvervanger heeft deze stemrecht. Stemmen bij volmacht wordt uitgesloten.

  3. Alle besluiten (ten aanzien van de advisering) worden genomen bij gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen van de op de presentielijst aanwezige leden.

  4. Blanco en niet-geldig uitgebrachte stemmen (ter uitsluitende beoordeling aan de voorzitter) worden geacht niet te zijn uitgebracht.

  5. Bij staking van stemmen over zaken, die geschiedt door handopsteken, vindt in dezelfde vergadering direct een herstemming plaats.

  6. Stemming over personen geschiedt schriftelijk met gesloten stembiljetten. Leidt een herstemming, tengevolge van gelijkheid van stemmen, niet tot een besluit, dan wordt besloten door trekking van een - door de voorzitter -  gemerkt lot.

  7. Minderheidsstandpunten kunnen worden toegevoegd aan de besluitenlijst, casu quo het voorstel/advies aan het college van B&W.


Overige Bepalingen



Artikel 7
  1. De voorzitter en de professionele secretaris tekenen de stukken die van de Wmo-raad uitgaan.


Slotbepalingen



Artikel 8
  1. Het college van B&W kan ter uitvoering van deze verordening nadere voorschriften en/of regels geven, nadat de Wmo-raad daarover is gehoord.

  2. De Wmo-raad stelt een huishoudelijk reglement op, waarin in ieder geval het functioneren van de verschillende clusters en de vergaderorde geregeld is. In het huishoudelijk reglement is in ieder geval geregeld op welke wijze de clusters leden en plaatsvervangende leden aandragen en wordt een rooster van aftreden opgenomen voor de leden van de Wmo-raad.

  3. Wijziging of intrekking van deze Verordening vindt niet plaats dan nadat de Wmo-raad daarover is gehoord.

  4. Deze Verordening wordt ieder jaar voorafgaande aan een nieuwe zittingsduur geëvalueerd. Voorts vindt een evaluatie plaats een jaar na inwerkingtreding van deze Verordening.


Inwerkingtreding



Artikel 9

Deze Verordening treedt in werking op 1 februari 2008.


Citeerartikel



Artikel 10

Deze Verordening wordt aangehaald als: Verordening WMO-raad gemeente Raalte.


Delen opDelen op TwitterDelen op FacebookDelen op LinkedInDelen op Google+E-mail

Aan de tekst op deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend. De officiële verordening ligt ter inzage bij de gemeente en de secretaris van de WMO-Raad.

©2019 Webdesign Marco TibbenRedactie
This site is protected by reCAPTCHA and the Google Privacy Policy and Terms of Service apply.